Hoe is het proces van het ruimen van mijnen en munitie

Allereerst moeten de vijandelijkheden beëindigd zijn. Dan moet het politieke proces opgang komen waarbij de regering het opruimen van mijnen en niet ontplofte munitie aan haar taak gaat toevoegen.
Omdat na een oorlog het land economisch aan lagerwal geraakt is, ontbreekt het benodigde geld hiervoor.
De hulp wordt vaak ingeroepen van de Verenigde Naties, die op dit gebied zeer actief zijn.
Meestal wordt onder de vlag van de VN de gebieden in kaart gebracht waar het ruimen moet gebeuren.
Daarvoor maakt de VN gebruik van particuliere organisaties die zich op dit gebied gespecialiseerd hebben, maar ook legereenheden van neutrale landen kunnen ingezet worden.
Wanneer de omvang duidelijk is kan het kostenplaatje opgesteld worden. Het benodigde geld kan bijeengebracht worden door een aantal partijen, zoals de Wereldbank, andere landen en particuliere fondsen.
Het ruimen zelf kan op verschillende manieren gebeuren.
De meest effectieve is door goed opgeleide en getrainde bewoners van zo'n gebied. Zij zijn vaak al op de hoogte waar mijnen en niet ontplofte munitie liggen en zijn goed bekend met het gebied.
De opleiding en training wordt vaak verzorgd door ex-militairen.
Uiteraard is er opsporingsapparatuur nodig zo als metaal detectors maar, in geval van plastic mijnen, apparatuur die explosieven kan detecteren. En niet te vergeten een uitrusting om de mijnenruimer te beschermen!

Het ruimen van de mijnen wordt ook vaak bemoeilijkt door de aanwezigheid van andere 'onschuldige' metalen in de grond. Zie dit artikel.
Bij dit alles hoort ook een goede voorlichting van de locale bevolking. Velen weten niet wat een landmijn is en kennen de gevaren niet.
Het budget moet toereikend zijn om alle kosten te financieren, onder andere het salaris van de locale mensen, die het gevaarlijke werk doen.

Al met al een grote organisatie die nodig is om de laatste gevaarlijke overblijfselen van een oorlog te ontmantelen.



Nieuws

 


 

 

 

 

 

Het plantje 'zandraket' (Arabidopsis thaliana) is een snelgroeiend plantje dat kan worden ingezet bij het opsporen van landsmijnen. Het Deense biotechnologiebedrijf Aresa heeft zandraket genetisch gemodificeerd zodat ze geschikt zijn om landmijnen mee op te sporen. Wanneer er uit de bodem stikstofoxide ontsnapt kleuren de bladeren van groen naar rood. Uit veel mijnen lekt deze stof. In 2005 werd in samenwerking met het Deense leger op een proefveld het concept uitgetest met drie verschillende types landmijnen. Hieruit bleek dat de planten daadwerkelijk verkleurden als ze zich in de nabijheid van een landmijn bevonden.

 


 


Vraag een lezing aan !   Op verzoek kunnen wij een les of een  lezing verzorgen over de problematiek van de landmijnen.